De jacht naar de notoire frauduleuze bestuurder

Op 19 december 2018 heeft de rechtbank Midden-Nederland een bestuurder (en/of aandeelhouder) die de afgelopen jaren bij maar liefst 109 (!) rechtspersonen betrokken was  geweest en waarvan een groot deel ontbonden dan wel failliet gegaan was een bestuursverbod opgelegd voor vijf jaar. Opvallend aan de oplegging van het bestuursverbod is dat de oplegging gedaan is op verzoek van het Openbaar Ministerie (OM).

Wet civielrechtelijk bestuursverbod

Sinds de inwerkingtreding van de wet civielrechtelijk bestuursverbod op 1 juli 2016 is dit de eerste keer dat door het OM verzocht is om oplegging van het bestuursverbod. De wet is ingevoerd ter bestrijding van faillissementsfraude. Op basis van vijf artikelen in de Faillissementswet (art. 106a – 106e FW) kan een curator of het OM de rechtbank verzoeken een bestuursverbod op te leggen. Wanneer het verbod opgelegd kan worden en hoe een bestuurder de oplegging van het bestuursverbod  kan voorkomen, is goed uitgelegd in het artikel van juni 2016.

Opmerkelijk is dat bij de totstandkoming van de wet civielrechtelijk bestuursverbod het OM aangegeven heeft dat het geen geld en middelen vrij kan maken voor een adequate inzet van het civielrechtelijke bestuursverbod. Blijkbaar heeft het OM twee jaar later toch een potje en een moment gevonden om op jacht te gaan naar de notoire frauduleuze bestuurder.

Het gevolg van het opleggen van het bestuursverbod is dat de bestuurder niet alleen geen bestuurder meer mag zijn van de failliete rechtspersoon, maar voor de duur van het verbod (maximaal vijf jaar) geen bestuurder of commissaris meer kan zijn van een rechtspersoon. Dit geldt niet alleen voor de statutaire bestuurder maar ook voor de ‘feitelijke beleidsbepaler’, iemand die feitelijk geen bestuurder is maar feitelijk wel het beleid bepaalt.

Saillant detail is daarnaast dat de wetgever bij het invoeren van de wet civielrechtelijk bestuursverbod besloten heeft het begrip naming & shaming toe te passen. De opgelegde bestuursverboden dienen kenbaar te zijn, en worden geregistreerd in een register bij de Kamer van Koophandel. Dit register is voor iedereen online te raadplegen op de site: https://www.kvk.nl/over-de-kvk/overzicht-civielrechtelijk-bestuursverbod/.

Uitspraak rechtbank Midden-Nederland

In de zaak van de uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland van 19 december 2018 stelde het OM dat de bestuurder een veelpleger was van faillissementsfraude. De beste man was op het moment dat de zaak diende nog altijd bestuurder van 15 rechtspersonen, waarvan er 4 in 2017 en 2018 failliet gegaan waren. Het OM wilde voorkomen dat de bestuurder nog meer schade veroorzaakt als bestuurder van deze andere rechtspersonen en verzocht daarom niet alleen om een schorsing als bestuurder van 12 rechtspersonen, maar ook om een bestuursverbod op te leggen.

De bestuurder heeft geen verweer gevoerd, en de rechtbank gaat er daarom vanuit dat de bestuurder een ‘persoonlijk verwijt’ gemaakt kan worden betreffende de faillissementen. De rechtbank schorst de bestuurder en legt de bestuurder een bestuursverbod op van vijf jaar.

Michelle Makkinje

Rechtsgebieden

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin

Rechtsgebieden (niet verwijderen)

Okkerse & Schop Advocaten maakt voor deze website gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Cookies zijn kleine digitale tekstbestanden die in de browser worden geplaatst bij het bezoek aan een website. Okkerse & Schop Advocaten gebruikt functionele cookies om de website naar behoren te laten functioneren. Analytische cookies worden gebruikt om het websitegebruik te analyseren en de website te verbeteren. Met het gebruik van functionele cookies en analytische cookies worden geen persoonsgegevens verwerkt. U kunt uw cookievoorkeuren op ieder moment aanpassen door de instellingen van de browser te wijzigen. Raadpleeg ons privacy- en cookie statement voor meer informatie.