Kartelperikelen en verjaringsvraagstukken naar Duits recht; ondanks oordeel verjaring toch aansprakelijkheid voor niet verschenen partijen

Rechtbank Limburg, 16 november 2016, ECLI:NL:RBLIM:2016:9897 ‐ Op SmartNewz sinds: 16 december 2016

Zoals te verwachten bij geschillen waarin een beroep wordt gedaan op verjaring, ligt de oorzaak van het voorliggende geschil in een grijs verleden. Deutsche Bahn stelt, met een zestal andere partijen, schade te hebben geleden als gevolg van een spanstaalkartel. Zij spreken daartoe 14 partijen aan op onrechtmatig handelen. In 5 vrijwaringszaken komen vervolgens nog eens 98 partijen in deze procedures tegenover elkaar te staan. In een eerder gewezen tussenvonnis zijn de stellingen van
Deutsche Bahn c.s. weergegeven, het geschil spitst zich inmiddels vooral toe op de vraag of de vorderingen van Deutsche Bahn c.s. zijn verjaard. Daarnaast voert een aantal verschenen gedaagden verweer op de grond dat niet kan worden vastgesteld dat Deutsche Bahn de nog vast te stellen schade heeft geleden. Ook staat verleende immuniteit in de weg aan veroordeling van twee gedaagden en is de dagvaarding voor wat betreft een van hen (DWK) naar een onjuist adres verstuurd en daarom nietig, in ieder geval is als gevolg daarvan niet enige verjaringstermijn gestuit. Duits recht is, zo stellen partijen zelf en oordeelt ook de  rechtbank, van toepassing.

De rechtbank oordeelt dat, in lijn met het oordeel van het Hof van Justitie, de procesregels van de bevoegde rechter van toepassing zijn. Eerder is rechtsmacht al vastgesteld. Omdat DWK niet onredelijk in haar belang is geschaad en wel is verschenen, dekt dat de nietigheid van de dagvaarding. De rechtbank geeft daarbij aan dat de beslissing over de geldigheid van de dagvaarding niet van invloed is op het debat of de vordering tijdig is gestuit. Daarover dient onafhankelijk te worden
beslist, al komt de rechtbank daar in deze zaak niet aan toe. Op grond van artikel 4 WCOD beheerst het recht van de staat waarop mededingingshandelingen de concurrentieverhoudingen beïnvloeden de verbintenissen (uit onrechtmatige daad) tussen partijen. Artikel 7 WCOD bepaalt het toepasselijke recht, in het bijzonder voor wat betreft verjaring van de vordering tot schadevergoeding alsook schorsing en stuiting van die termijn. Het Duitse recht kent in een zaak als deze twee verjaringstermijnen. Een subjectieve van 3 jaren, een objectieve van 10 jaren. In deze kwestie geldt dat in september 2012, 10 jaar nadat het kartel werd beëindigd en de deelnemers werden vervolgd, eventuele vorderingen verjaren, tenzij er is gestuit. Het beroep op een bepaling die pas na beëindiging van het kartel is ingevoerd faalt, deze mist toepassing. Niet contractuele verbintenissen beoordeelt men volgens Duits recht, een overgangsregeling ontbreekt, naar het recht dat bij het ontstaan van de verbintenis van toepassing was. Terugwerkende kracht acht de rechtbank niet aan de orde, evenmin blijkt van stuiting of schorsing van rechtswege. De vorderingen zijn verjaard. Ook beroep op EU‐richtlijn 2014/104/EU baat hen niet, deze richtlijn dateert van na het einde van het kartel, lidstaten hoeven bovendien pas eind 2016 aan die richtlijn te voldoen. De rechtbank verklaart ten aanzien van twee niet verschenen gedaagden voor recht dat zij in strijd hebben gehandeld met artikel 101 WVEU. Zij zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de door Deutsche Bahn c.s. geleden schade. Het niet voeren van verweer blijkt dus een
potentieel kostbare aangelegenheid, het oordeel verjaring ten aanzien van de wel verschenen partijen trekt de rechtbank niet één‐op‐één door.

Mr. Robert Lonis – december 2016

Okkerse & Schop Advocaten maakt voor deze website gebruik van cookies en daarmee vergelijkbare technieken. Cookies zijn kleine digitale tekstbestanden die in de browser worden geplaatst bij het bezoek aan een website. Okkerse & Schop Advocaten gebruikt functionele cookies om de website naar behoren te laten functioneren. Analytische cookies worden gebruikt om het websitegebruik te analyseren en de website te verbeteren. Met het gebruik van functionele cookies en analytische cookies worden geen persoonsgegevens verwerkt. U kunt uw cookievoorkeuren op ieder moment aanpassen door de instellingen van de browser te wijzigen. Raadpleeg ons privacy- en cookie statement voor meer informatie.